donderdag 27 september 2012

Politiebijeenkomst

Gedicht voor de politie Smallingerland/Opsterland in het kader van de route Nationale Politie.

Zodat we het niet meer koud hebben


Altijd wanneer ik een agent tegen kom
hoor ik mezelf denken
al die agenten lijken ook echt agenten.
Nooit werd ik me bewust
van hun afwezigheid
ze lopen, ze marcheren
en kleden zich
hetzelfde in burger als ik, door de straten.

Maar ik, wij, men als burger
verschuilen onze angsten niet
luid schreeuwend en met
houtwormige stoelen gooiend, of verschijnen we
als engelen aan jullie, agenten,
en dan is het de bedoeling
dat jullie, echte agenten zijn
en de bedoeling uitvoeren,
ons laten zien
dat je beter op de stoel kunt gaan zitten
of dat je bedenkt, welk onrecht wel
en welk niet
jouw stoel is.

Maar burgers,
ga eens op de stoel van echte agenten zitten,
hoor je jezelf dan denken
ik lijk nu een echte agent?

Nee, want eenvoud is een stille hoop
die meestal strandt
in complexe getallen of juist het reduceren
ervan, naar 1.

1, van 1 korps, van 1 politie, van 1 agent
nee, niet 1 agent,
juist tientallen

die stevig op hun stoelen zitten
en met hun warme ineengeslagen handen
onze angsten
als een kopje melk
in de magnetron zetten

zodat we het niet meer koud hebben.


Lees ook: Klinkedin

dinsdag 25 september 2012

Gedichten in wording, het dichter zijn



Ik ben vrij verloren in het vangen van mijn werelden in gedachten
een verdwaaldheid van een mislukte poging om normaal te zijn,
maar normaler dan alles behalve normaal kan ik niet worden;
iets zijn en in wording zijn; begriploze berichten die ik niet kan horen.
Mijn oordopjes vochten een zeeslag uit, in de nacht
dat mijn kruik van mijn bed een golfslagbad maakte
ik keek toe hoe de handen van mijn armen
in een bloedbad het slagveld van mijn gedachten
uittekenden in een werk dat ik kunst zou willen noemen,
maar daar geen stempel op wil drukken.
Ik kocht een vangnet bij de Gamma, de Gamma verkocht ze alleen niet
daarom bij de viswinkel aan de overkant van de straat -
waar ik nog een oude vrouw over hielp steken, waar ze haar rollator
gelaten had was bij de eendjes in het park,
ze was alleen vergeten dat eendjes van brood houden
en zij van haar man, maar die was al overleden -
kocht ik het grootste net waar ik misschien in zou passen,
maar de ruimte waar een dichter in hoort te zijn;
in wording is,
is niet zo groot, het lijkt meestal op een lichttunnel,
zo een die haar man zag toen hij haar handen op het ziekbed liet verslappen,
maar dan een met woorden die de wanden steeds smaller maken
en je ze eruit moet persen
voordat je platgedrukt wordt in je eigen zijn van een gedicht in wording.

Lees ook: Witte leugens

zaterdag 22 september 2012

Duurzaamheidsbeurs

Verzonden vanuit de toekomst
dit is niet de bedoeling -

Zij, die slechts weet hadden
van hun rug.

Duurzame dingen kun je lange tijd gebruiken.
Ze gaan niet snel kapot en worden niet snel lelijk.


Zij, ruggengraten, bevonden zichzelf het mooist
zij bonden de oogkleppen om,
om hun eigen schoonheid te koesteren.

Hun boegbeeld bevond zich ver begraven
in het diepste van de bovenste grond.

Leven in het moment
een spreuk die geen tijd kende
maar nu is het anders,
want altijd bevat geen tijd.

Duurzame dingen kun je lange tijd gebruiken.
Ze gaan niet snel kapot en worden niet snel lelijk.


Luisteren deden zij niet,
maar moet je nu eens horen
naar onze kermende stemmen
onze rauwe kelen
en onze open ruggen.

Duurzame dingen kun je lange tijd gebruiken.
Ze gaan niet snel kapot en worden niet snel lelijk.


Wij zijn lelijk geworden
wij zijn kapot gebroken
wij gaan niet meer mee

niet voor die lange tijd

die de Van Dale in 2012 voorschreef
ook al waren de Maya’s meer van; 2012
het einde van alle tijd.

Duurzame dingen kun je lange tijd gebruiken.
Ze gaan niet snel kapot en worden niet snel lelijk.


Niets zijn wij meer,

niets zullen wij nog worden

omdat zij, die rug
in het centrum van de stenen
1,2,3
omkeerden
en wegrenden
op hun snelste benen.



Lees ook: Poëzie in petticoat
  

donderdag 20 september 2012

Totdat ik me bedacht dat

Ik zoek het jongetje dat ik eens uit een boek las, dat de hele dag papier met cirkels zat te vullen. Net zolang tot er geen wit papier meer zichtbaar was, en ook geen cirkels, slechts potlood, dan begon hij overnieuw. Ik zou met hem daarin op willen gaan en ook willen vergeten hoe er veel meer rond is dan alleen de aarde.

maandag 17 september 2012

Disconnect the phone II



Ze stopten met vragen -
zij stopte met praten.

De telefoons legden hun hoorns neer
de nummers werden gewist.

Ze scheurde het vel van zich af
omdat het haar niet meer paste,

zwijgzaamheid is een klank die geen gehoord geeft

al was het duidelijk dat ze lang heeft gehuild
om het verlies van haar laatste stukje huid

uiteindelijk
gaf de kiestoon een dood geluid.


Lees ook: Disconnect the phone I

vrijdag 14 september 2012

De burgemeester en de gemeentedichter

13 september 2012



Niet alleen een nieuwe burgemeester, ook ik ben 'nieuw'. Afgelopen maandag heb ik mijn contract getekend om voor twee jaar de taak van gemeentedichter in te vullen.
De kans om een brug te slaan tussen de nieuwe burgemeester van Smallingerland, Tjeerd van Bekkum, en de (nieuwe) gemeentedichter wilde ik niet voorbij laten gaan.
Tijdens de feestelijke raadsvergadering legde Van Bekkum de eed af en vervolgens mocht ik hem mijn gedicht voordragen.

Vanaf vandaag heb ik de Gemeentedichter pagina  leven in geblazen. Hierop zal ik alle gemeentegedichten verzamelen.

De burgemeester en de gemeentedichter

Tjeerd van Bekkum,
ze zag hem eens lopen
op twee benen in een rustig tempo
denkend aan het Smallingerland.

Dag meneer, ze groette hem
hij zei hallo.
Maar beide verzonken in twee werelden
waartussen een brug wordt gespannen
van het land van dromen.

En later -

Heb je het al gehoord,
gezien misschien
of gelezen in de krant
BreedUit stond het er in,
zelfs meerdere keren.

Nee, zei ze;

ze is te dromerig
voor heel veel dingen
voor begrip van politiek
voor inzicht in getallen
in het betalen van belasting
of lintjes knippen
en glimlachen bij een of ander belangrijk ding.

Hoe afwezig ook, alleen is ze niet
ze is alleen te dromerig.

Tjeerd van Bekkum,
klikte met ons land,
aan de wandel met als rugzak
een droom die als thuiskomen voelt,
of als loten uit de loterij.

Hij past tussen
commissarissen, notarissen,
ambtenaren, afgevaardigden,
wethouders, en zelfs ouders.

De personificatie van De Kroon op Smallingerland
open oren, open ogen
gericht op tijdeloosheid en dynamiek.

Zij las boeken van Willem Elsschot, waarin hij schreef:
“Tussen droom en daad staan wetten in de weg”.

Tjeerd wandelt op de weg van wetten.
En zij, zij wandelde weg
met Elsschot onder de arm, ze wilde alleen zijn
en rustig overdenken
wie een gemeentedichter nou eigenlijk is.

Hij maakt van droom daad
en zij van daad droom,

daarom is hij de burgemeester
en zij de gemeentedichter.



donderdag 13 september 2012

Poëzie in petticoat

Gisteren - 12 september 2012 - beklom ik het grote podium in de schouwburg van Drachten, de Lawei. Om niet één, maar drie gedichten voor te dragen. De Rabobank organiseerde hun jaarlijkse prinsjesdaglezing. Herman Wijffels kwam spreken over onder andere duurzaamheid. Omdat het de prinsjesdaglezing en poëzie betrof , had ik besloten om mijn petticoat aan te trekken, want dat allitereert mooi.


Dit eerste gedicht heb ik speciaal over duurzaamheid, de Rabobank en de mensheid geschreven. Ik speelde ook piano en op de beamer werd een animatie die ik gemaakt heb, vertoond.

Je stoepje vegen is ook belangrijk

Samen leven
dat is de gedachte
dat is het idee
dat is de slogan
die geeft de Rabobank je mee.

Maar heb je wel eens goed geluisterd,
gehoord misschien,
maar luisteren en begrijpen bovendien.

De gedachte:
Wij hebben de verantwoordelijkheid
binnen de grenzen van de aarde te blijven
alleen zij is rond,
dus is er geen duidelijke grens
waar de cirkel van draagkracht begint.

Het idee;
Samen sta je sterker
daarom gingen de holemensen samenlevingen vormen
een zo logisch verband
het klonk me grappig in de oren,
wat hebben wij nog met de holemens overeen;
we doen aan samenlevingen,
maar niet gezellig bij een kampvuur in steen.

Samen leven;
De holemens, die kon er wat van
en wij, maken wij er nu een potje van?

Wij leven in het moment
omdat de Flow dat voorschrijft
en zegt: je stoepje vegen is ook belangrijk.
Maar alleen je eigen stoepje is niet goed genoeg.

Die holemens, die kon er wat van
die dacht niet
en wij denken en denken en denken en denken
en laten slechts op gevoel,
maar is dat wel het alles heiligende doel?

Wij geven geld aan arme landen,
maar weten we wel aan welke handen?
De handen van de toekomst strekken naar ons uit.

Samen leven
Weg uit de Flow van het moment
Samen leven
Met de toekomst, en onszelf
Samen leven
Dat is de gedachte
Dat is het idee.



Het tweede gedicht ging over mij op dat moment in petticoat.

Ik vertel zo graag over mijzelf

Iets luchtigs
iets vluchtigs,
verzuchtigs,
nuttigs of truttigs?

Blauwe wolken
of volle zeeën,
maar concreet gezien
staan mijn benen hier trillend op de vloer
niks zwemmend, niks vliegend.

Concreet gezien
sta ik hier te staan,
vertel waar mijn gedachten over gaan
welke kleren heb ik aan
waarom ik bezig ben met bestaan?

Wil je weten
wie ik vroeger wilde zijn;

Een zeemeermin -
dan zou ik in bad mogen slapen

of een weerman -
dan zou IK de kleur van de lucht bepalen.

Wie ik niet wilde zijn,
was mijn eigen konijn.
Ik gaf haar geen eten,
maar omdat ze ze niet had
kon ik me niet in haar schoenen verplaatsen.

Ik droomde
over toekomsten, werelden, levens.

Nu sta ik hier
zo'n beetje hier
ik reserveer altijd een ruimte waarin ik mijzelf kan zijn
zo'n beetje onzichtbaar naakt.

Nu ben ik hier
heb mijzelf kort samengevat

vertel mij,
was het iets

nuttigs of truttigs?



Het derde gedicht is hier te vinden.

zaterdag 8 september 2012

Morgen is alles beter

Ik zou zo graag willen schrijven
over mijn leven als 17-jarige,
maar omdat ik nog 17 ben
vind ik dat egoïstisch om al te doen,
het voelt onnatuurlijk om met je leeftijd te spotten
vooral als je 17 bent, want dan ben je jong
en is het de bedoeling dat je alles kunt,

maar ik kan niet alles
en de bedoeling al helemaal niet

ik ben wanhopig 17 en probeer
de wanhoop om te toveren in hoop
omdat wan geen echt woord is
en er lelijk uit ziet, om het voor hoop te schrijven.

17 zijn is een leeftijd waarop het geoorloofd is
om niet te weten wat je met je leven wilt.
In de praktijk werkt het meestal anders

na je examen ga je namelijk:
of studeren, of reizen
dat houdt in dat je dus weet wat je met je leven wilt, soort van.

ik doe geen van beide
en dan wordt er niet begrepen
hoe je in plaats daarvan
jezelf bij elkaar probeert te houden
omdat het willen leven
en het willen weten hoe te leven
een veel te zwaar vraagstuk is, voor iemand van 17.

Ik had wel gelijk, dat ik beter had kunnen wachten
met het schrijven van dit gedicht,
het maakt me verdrietig,
ik wil niet beseffen hoe er genoeg redenen bestaan
om je eigen nietsheid te ontkennen.

Misschien kan ik dit gedicht beter morgen schrijven
want dan word ik 18.

Lees ook: Onuitroeibaar

vrijdag 7 september 2012

Ik en de buurvrouw II

Ik ben zo iemand
die zich ergert aan zichzelf
want als ik haast heb en in die haast
een plakbandje nodig heb,
ik ontdek dat ik het plakband
tijdens een telefoongesprek of iets dergelijks
aan de houder heb vast gedrukt
je weet wel op die manier
dat je al bellend onnadenkend lelijke tekeningen
op een envelop maakt
of op de belastingaangifte van je vader, die ook naast de telefoon ligt.
Bij mij dwaal ik dus af naar de plakbandhouder
dan druk ik het strak gespannen plakbandje naar beneden
tot het vastgeplakt zit, de hoekjes druk je wat verder aan en je belt verder.
Op zulke momenten dat ik haast heb
erger ik me dan aan mijn telefoonplakbandgewoonten.
Ik voelde me ook niet anders dan de andere mensen
totdat de buurvrouw zei dat zij niemand kende
die door een plakbandhouder te laat op zijn werk kwam.
Was er dan iets mis met mij
of kende de buurvrouw niet de juiste mensen?
Niet dat het veel uitmaakt voor de zin van het leven,
ja de zin van het leven.
Zie, hier erger ik me ook aan mezelf
ik dwaal altijd af naar zijpaden
tijdens het bellen naar de plakband
en tijdens een monoloog in mezelf naar dialogen met mezelf.
Dwalen van paden vind ik trouwens een gezonde bezigheid
ik woon in het bos
en daar lopen voor zover ik weet niet veel enge mannen los
ja ik loop er
maar dat lijkt me niet zo’n gevaar
bovendien ben ik geen man.
Enkel mijn gedachten lopen daar de rust te verstoren
ze vallen mij ook lastig
ik probeer tijdens zo'n wandeling
mijn gedachten van mezelf te laten verdwalen
maar altijd komen we weer samen thuis.
Ik erger me dan zo aan mezelf
hoe doe ik het toch?
Ik kom mezelf dus erg vaak tegen
bellend, plakbandend, haastend, verstorend, wandelend, verdwalend.
Ik voel me niet anders, dan de andere mensen
maar misschien zou ik wel eens
voor een paar dagen
de buurvrouw willen zijn.

Lees ook: Ik en de buurvrouw I

donderdag 6 september 2012

Klinkedin

Drachten wil je mee praten



Wil je mee praten
Wil je mee
Wil je
Wil

Ik wil niet mee.

“En dan op de zeepkist”
zo Klinkt Het In
de facebookpagina’s
maar wie klinkt, wat klinkt, waar klinkt?

De klank van een zeepkist
klinkt mij glijdend van een berg af
naar de schuimende zee
daar verdrinkt ze
dan klinkt er niets meer mee.

Maar zo is het hier niet.

Zo glijdt deze zeepkist niet;

Zij staat met beide benen
luidkeels roepend om
glazen, gezelligheid en netwerken
stevig op Hopperse bodem.

Wil je mee praten
Wil je mee
Wil je
Wil

Ik wil met die zeepkist mee.



Lees ook: Een gekleurd verleden in een wandeling van het heden

dinsdag 4 september 2012

Ik dacht dat ik dommer geworden was

"Hé, jij nog leuke dingen geplant?"

Altijd leuk,
als iemand dat op Facebook aan je vraagt.
Met een t, niet met een d, maar met een t.

" Ja ik ben van plan om met Ingrid volgende week een boom te planten".

sinds dat dictee in de vijfde klas waar ik een 4 op had
en ik daar boos om was
omdat ik het jaar daarvoor een 7,8 had
ja een zeven punt acht,
ik dacht dat ik dommer geworden was,
en Nederlands mijn favoriete vak was,
sinds dat dictee
waar ook ' gepiercete en getatoeëerde adolescenten' in stond,
weet ik wel hoe je moet vervoegen,

maar om mij heen pland men nog de bomen
en staan planten in de agenda's.


Lees ook: Dictee

maandag 3 september 2012

In een groot hart past ook niet alles

Op dagen
als eergisteren en overmorgen
denk ik meestal niet na.

Op vandagen
ben ik er wel,
maar geïsoleerd dagdromend,
passief als een pdf-bestand; alleen lezen.

Onverzadigbaar,
het voelt als het stoppen van een waterval
met je blote handen

ik huil ondrinkbaar zout.



Lees ook: Verdronken in een gevaarlijk cliché

zaterdag 1 september 2012

Tao of hope

Toen ik dit zag, kon ik niets anders dan huilen van geluk, en het delen met jullie.



(Source: octopussoir-)